Een persoon met beperkingen kan voor de in artikel 13, onder a. vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht als aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek een aanpassing aan de woning noodzakelijk maken en de algemene woonvoorziening dit snel en adequaat kan oplossen.
Een persoon met beperkingen kan voor de in artikel 13, onder b., c. en d. vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht als de in het vorige lid genoemde oplossing niet aanwezig is of niet tot een snelle en adequate oplossing leidt.
In afwijking van het eerste en tweede lid van dit artikel kan het college een individuele woonvoorziening als bedoeld in artikel 13, onder d. in geval van verhuizing toekennen aan een persoon anders dan een persoon met beperkingen, mits met de verhuizing van deze persoon een aangepaste woning beschikbaar komt. Het college stelt de hoogte van deze financiële tegemoetkoming vast in het Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning.
Hoofdstuk 4
Artikel 14
Primaat algemene woonvoorzieningen en recht op individuele woonvoorzieningen
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Overbetuwe 2008