**1..** Het college doet een aanbod dat past binnen de criteria die gesteld zijn in deze verordening, het in artikel 2 genoemde beleidsplan en dat is afgestemd op de in de persoon gelegen factoren en/of omstandigheden. Hiertoe kan het college een onderzoek (laten) doen.
**2..** Geen aanspraak op ondersteuning bij arbeidsinschakeling hebben bovenbedoelde personen indien hun gezinsinkomen hoger is dan een jaarlijks vast te stellen bedrag. Dit bedrag wordt vastgelegd in het ‘Besluit nadere regels reïntegratievoorzieningen’.
**3..** Geen aanspraak op ondersteuning bestaat indien sprake is van een voorliggende voorziening welke naar de mening van het college in voldoende mate bijdraagt aan de reïntegratie van de aanvrager.
**4..** Het college kan een voorziening beëindigen:
indien de persoon die aan de voorziening deelneemt zijn verplichting als bedoeld in artikelen 9 en 17 WWB, 13 en 37 IOAW, 13 en 37 IOAZ dan wel de aan de voorziening zelf verbonden verplichtingen niet nakomt;
indien de persoon die deelneemt niet meer behoort tot de doelgroep van de wet;
indien de persoon algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt, waarbij geen gebruik wordt gemaakt van deze voorziening;
indien naar het oordeel van het college de voorziening onvoldoende bijdraagt aan een snelle arbeidsinschakeling.
Paragraaf 3
Artikel 3
Algemene bepalingen over voorzieningen
Onderdeel van Reïntegratieverordening WWB, IOAW EN IOAZ 2012