**1..** Het is verboden zonder voorafgaande melding aan het bevoegd bestuursorgaan de weg of een weggedeelte anders te gebruiken dan overeenkomstig de publieke functie daarvan.
**2..** De voorwerpen kunnen worden geplaatst indien het bevoegd bestuursorgaan niet binnen vijf werkdagen na ontvangst van de melding heeft beslist dat het plaatsen van de voorwerpen wordt verboden.
**3..** Het bevoegd bestuursorgaan verbiedt het plaatsen van voorwerpen;
indien het beoogde gebruik schade toebrengt aan de weg, gevaar oplevert voor de bruikbaarheid van de weg of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan, dan wel een belemmering kan vormen voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg;
indien het beoogde gebruik hetzij op zichzelf, hetzij in verband met de omgeving niet voldoet aan redelijke eisen van welstand;
in het belang van de voorkoming of beperking van overlast voor gebruikers van de in de nabijheid gelegen onroerende zaak.
**4..** De weigeringsgrond van
het derde lid onder a geldt niet voorzover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 5 van de Wegenverkeerswet.
het derde lid onder b geldt niet voor bouwwerken;
het derde lid onder c geldt niet voorzover in het geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet Milieubeheer.
**5..** Het verbod in het eerste lid geldt niet voor:
evenementen als bedoeld in artikel 2:24;
terrassen als bedoeld in artikel 2:27;
standplaatsen als bedoeld in artikel 5:17;
voorwerpen of stoffen waarop gedachten of gevoelens worden openbaard.
**6..** Het verbod in het eerste lid van dit artikel geldt niet voorzover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatwerken, artikel 5 van de Wegenverkeerswet, of het Provinciaal wegenreglement.
Hoofdstuk 1 › Afdeling 5
Artikel 2:10
Het plaatsen van voorwerpen op, aan of boven de weg in strijd met de publieke functie ervan
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Hoorn 2010 APV