Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf

Artikel 13

Overleg wijze van uitvoering

Onderdeel van Verordening huisvestingsvoorzieningen primair onderwijs Amsterdam 2009

1.. Binnen zes weken na de vaststelling van het programma door het college van burgemeester en wethouders nodigt het dagelijks bestuur de aanvrager uit voor overleg over de wijze van uitvoering van de op het programma geplaatste voorziening. In het overleg wordt alle informatie verstrekt die nodig is voor de uitvoering van de voorziening. Daarbij worden, voor zover van toepassing, afspraken gemaakt over: het bouwheerschap als bedoeld in de wet; het tijdstip van indiening van het bouwplan en de begroting door de aanvrager; een andere wijze van uitvoering van de beslissing met inachtneming van het beschikbaar te stellen bedrag; de wijze waarop door het dagelijks bestuur toepassing wordt gegeven aan de toetsing van het bouwplan , alsmede aan de toetsing in verband met wettelijke voorschriften en nieuwe feiten en omstandigheden als bedoeld in artikel 14, derde lid; de controle op en het afleggen van verantwoording over de besteding van de beschikbaar te stellen middelen. 2.. De gemaakte afspraken worden door het dagelijks bestuur schriftelijk vastgelegd en ter kennis gebracht van de aanvrager. 3.. Indien toepassing wordt gegeven aan het bepaalde in artikel 14, vierde lid, neemt het dagelijks bestuur binnen vier weken nadat de afspraken als bedoeld in het tweede lid zijn gemaakt, een beslissing over het tijdstip waarop het voor de voorziening noodzakelijk geachte bedrag beschikbaar wordt gesteld. Het bepaalde in artikel 15 is daarbij overeenkomstig van toepassing. 4.. Indien het overleg niet tot overeenstemming leidt, deelt het dagelijks bestuur de aanvrager mee dat hij niet kan instemmen met de door de aanvrager gewenste wijze van uitvoering.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel