De precariobelasting wordt niet geheven:
ter zake van voorwerpen en werken door of vanwege een andere gemeente, de provincie, het rijk, waterschappen en zuiveringschappen, noodzakelijk voor de uitoefening van hun taak, aangebracht of geplaatst;
ter zake van voorwerpen en werken uitsluitend een openbaar belang dienende;
voor het hebben van voorwerpen als bedoeld in nummer 3.1 van de tarieventabel, voor zover deze voorwerpen boven gemeentegrond, voor de openbare dienst bestemd, worden aangetroffen en niet meer dan 0,3 m buiten de rooilijn uitsteken;
ter zake van vaste onderdelen van gebouwde eigendommen in hoofdzaak bestemd voor de openbare eredienst of voor openbare bijeenkomsten van rechtspersoonlijkheid bezittende genootschappen op geestelijke grondslag, niet zijnde kerkgenootschappen, voor het gezamenlijk beleven van en zich bezinnen op een aan die genootschappen ten grondslag liggende levensovertuiging;
voor het hebben van vlaggen en vlaggenstokken met de bijbehorende vlaggestokhouders, voor zover niet met teken of opschrift;
voor het hebben van zonneschermen en markiezen, voor zover niet met teken of opschrift;
voor het hebben van spoorrails voor openbaarvervoer;
voor het gebruik van gemeentegrond ten behoeve van bouwwerken, die voor rekening van de gemeente worden gebouwd, verbouwd of hersteld en door haar worden of zullen worden gebruikt;
ter zake van voorwerpen en werken aangebracht, geplaatst of gebruikt voor de duur en in het kader van door of vanwege het gemeentebestuur georganiseerde evenementen;
voor het hebben voorwerpen aangebracht of geplaatst door de ANWB, voor zover deze voorwerpen uitsluitend een openbaar belang dienen of een verkeersaanwijzing bevatten;
voor het hebben van voorwerpen waarvoor een privaatrechtelijke vergoeding is overeengekomen.
Artikel 4
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van Precariobelasting 2012