Naar hoofdinhoud

Artikel 2.

Gedelegeerde bevoegdheden

Onderdeel van Algemeen delegatiebesluit Vlissingen

De raad delegeert aan het college zijn volgende bevoegdheden: het uitoefenen van een bij wettelijk voorschrift aan de gemeente of aan één van haar organen toegekend recht tot het naar voren brengen van zienswijzen of het inbrengen van bedenkingen; het voeren van en het nemen van alle beslissingen ter voorbereiding, ter voorkoming of ter beëindiging van strafrechtelijke, civielrechtelijke en bestuursrechtelijke procedures in het instellen van alle rechtsmiddelen in alle instanties, zowel eisend als verwerend; het plaatsen of verwijderen van verkeerstekens krachtens een verkeersbesluit en het verlenen van ontheffingen met inachtneming van de gestelde voorwaarden en bepalingen als bedoeld in de Wegenverkeerswet 1994, het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer en het Voertuigreglement; het aanwijzen van “het huis der gemeente“ ten behoeve van het voltrekken van huwelijken en dergelijke op locatie; het vaststellen van het jaarlijkse restauratie-uitvoeringsprogramma; het onderhouden van een actueel en volledig normen- en toetsingskader behorende bij het Controleprotocol 2005; het sluiten van standaard achtervangovereenkomsten; het vaststellen van de Legesverordening voor Vlissingen en het invoeren, wijzigen of afschaffen van leges in de bijbehorende tarieventabel. alle projecten en plannen zoals aangegeven bij raadsbesluit van 27 januari 2011, nr. 8.1, behorende bijlage 1, waarvoor ten behoeve van een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) toepassing wordt gegeven aan artikel 2.12, eerste lid, onder a, sub 3, van de Wabo, aan te wijzen als categorie, waarvoor geen verklaring van geen bedenkingen tegen het verlenen van de omgevingsvergunning is vereist, met inachtneming van de procedurebeschrijving onder 3 van die bijlage; voor de onder i genoemde categorie van gevallen en voor een wijzigingsplan op grond van artikel 3.6, eerste lid, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening om al dan niet een exploitatieplan vast te stellen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel