Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g. onderdeel 5 en 6 van de wet kan voor de in artikel 5.1 onder a. tot en met d. vermelde voorzieningen in aanmerking worden gebracht indien aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek:
het gebruik van het openbaar vervoer of
het bereiken van het openbaar vervoer onmogelijk maken.
Hoofdstuk
Artikel 5.2
Het recht op een vervoersvoorziening
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning 2012