Het onderwijs wordt gegeven door leerkrachten die in dienst zijn van
c.q. aangewezen zijn door een
instelling.
De leerkrachten dienen in het bezit te zijn van een zogenaamde
"bevoegdheidsverklaring", verstrekt doo
een instelling.
De leerkrachten onthouden zich ervan iets te onderwijzen, te doen of toe
te laten wat strijdig is met de
eerbied, verschuldigd aan de overtuiging van andersdenkenden.
De leerkrachten gedragen zich naar de aanwijzingen door de directeur van
de school gegeven en
verstrekken desgevraagd zoveel mogelijk de door de directeur gevraagde
inlichtingen.
Afdeling II
Artikel 6
Leerkrachten
Onderdeel van Verordening godsdienst onderwijs en levensbeschouwelijk vormingsonderwijs