Naar hoofdinhoud

Paragraaf 2

Artikel 2.4

Stilliggende schepen zonder bemanningsverblijf

Onderdeel van Havenverordening Vlissingen 2009

1.. De schipper van een schip zonder bemanningsverblijf is verplicht er voor te zorgen dat het schip dat stilligt zodanig is verankerd of gemeerd en van zonsondergang tot zonsopgang zodanig is verlicht dat geen gevaar, schade of hinder ontstaat of kan ontstaan. De verplichting met betrekking tot het voeren van verlichting geldt eveneens wanneer tussen zonsopgang en zonsondergang het zicht dit vereist. 2.. Een gelijke verplichting als bedoeld in het eerste lid rust op de eigenaar, de beheerder en de gebruiker van het schip, ieder afzonderlijk. 3.. Zolang een van de in het eerste en tweede lid bedoelde personen aan zijn verplichting voldoet, vervalt deze verplichting voor de anderen. 4.. De in het eerste lid gestelde verplichting met betrekking tot het voeren van verlichting geldt niet op ligplaatsen en in gedeelten van de havens, die op grond van artikel 3.20, vijfde lid, onder a en e, van het Binnenvaartpolitiereglement zijn aangewezen of aangeduid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel