**1..** De voorschriften en beperkingen op grond van artikel 1.3 van deze verordening te stellen bij de vergunningen bedoeld in de artikelen 7.1, tweede lid en 7.2 hebben onder meer betrekking op:
de orde en de veiligheid;
het voorkomen van gevaar, schade of hinder, met inbegrip van milieuschade;
het verstrekken van inlichtingen;
aan het schip te stellen eisen teneinde te verzekeren dat het geschikt is voor de uitoefening van de werkzaamheden waarvoor de vergunning is vereist;
het beschikken over de nodige kennis aan boord met betrekking tot afvalstoffen;
de bestemming van de afvalstoffen.
**2..** De vergunning bedoeld in de artikelen 7.1, tweede lid en 7.2, kan alleen worden verleend, indien ten genoegen van de havenmeester is aangetoond dat het schip door het voldoen aan door het college stellen regelen geschikt is voor de uitoefening van de werkzaamheden, waarvoor de vergunning is vereist.
**3..** Het college kan het aantal van de in artikel 7.1, tweede lid en 7.2 bedoelde vergunningen voor door hem te bepalen werkzaamheden en stoffen beperken tot een door hem te bepalen en bekend te maken aantal, zulks in het belang van de orde en veiligheid in de havens.
**4..** Het verlenen van vergunningen wordt opgeschort voor zover het aantal van kracht zijnde vergunningen meer bedraagt dan het in het derde lid bedoelde aantal.
**5..** In afwijking van het bepaalde in het tweede lid, kan bij vervanging van een schip, waarvoor een vergunning geldend is, een nieuwe vergunning worden afgegeven met inachtneming van het eerste en tweede lid.
Paragraaf 7
Artikel 7.3
Voorschriften en beperking van het aantal vergunningen
Onderdeel van Havenverordening Vlissingen 2009