Naar hoofdinhoud

Paragraaf 8

Artikel 8.2

Geldigheidsduur van de aanwijzing; beperkingen en voorschriften

Onderdeel van Havenverordening Vlissingen 2009

1.. De in artikel 8.1 bedoelde aanwijzing geschiedt voor de duur van ten hoogste vijf jaren. 2.. Aan een aanwijzing kunnen beperkingen en voorschriften worden verbonden die betrekking kunnen hebben onder meer op: de ontvangstvoorzieningen waarover het bedrijf beschikt en de veranderingen daarvan; de mate van beschikbaarheid voor en de verplichting tot het in ontvangst nemen van schadelijke stoffen; de soorten schadelijke stoffen waarvoor de aanwijzing geldt; het meedelen van het tarief voor de kosten die in rekening worden gebracht aan schepen die schadelijke stoffen afgeven; het melden van het in ontvangst nemen van de schadelijke stoffen en het verstrekken van gegevens daaromtrent; het afleveren van de ingezamelde schadelijke stoffen. 3.. Het college kan de duur van een aanwijzing telkens met een tijdvak van ten hoogste vijf jaren verlengen. Het kan daarbij beperkingen en voorschriften wijzigen en nieuwe voorschriften en beperkingen stellen. 4.. Het college kan een aanwijzing of verlenging daarvan voor de resterende geldigheidsduur intrekken indien: een reden waarom zij heeft plaatsgevonden is vervallen; een beperking of voorschrift niet wordt nageleefd; zich na de aanwijzing of verlenging zodanige feiten of omstandigheden voordoen dat, indien deze ten tijde van de aanwijzing of verlenging bekend waren geweest, de aanwijzing of verlenging niet of niet in die vorm zou hebben plaatsgevonden. gedurende een jaar geen of slechts weinig scheepsafvalstoffen zijn ingezameld dan wel gedurende een jaar geen of slechts weinig melding is gedaan van de inzameling van scheepsafvalstoffen door de houder van de aanwijzing. 5.. De geldigheidsduur van een aanwijzing wordt niet verlengd indien gedurende het laatste jaar van de geldigheidsduur van de aanwijzing geen of weinig scheepsafvalstoffen werden ingezameld binnen het beheersgebied. De toepassing van dit lid kan achterwege blijven indien is aangetoond dat om gegronde reden geen gebruik kon worden gemaakt van de aanwijzing binnen het beheersgebied.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel