Het is de eigenaar, houder of verzorger van een hond en hem, die een hond onder zijn toezicht heeft, verboden deze hond op zijn erf zonder muilkorf te laten loslopen, indien college van burgemeester en wethouders heeft meegedeeld, dat hij het dier gevaarlijk acht, dan wel indien de hond is opgeleid voor bewakings-, opsporings- en verdedigingswerk, tenzij:
op een vanaf de weg zichtbare plaats een – ter beoordeling van het college van burgemeester en wethouders – duidelijk leesbaar waarschuwingsbord is aangebracht;
de gelegenheid bestaat een brievenbus te bereiken en aan te bellen zonder dat men het erf hoeft te betreden;
het erf voorzien is van een zodanig hoge en deugdelijke afrastering dat de hond zonder menselijke tussenkomst niet buiten het erf kan komen.
HOOFDSTUK 2. › AFDELING 11.
Artikel 2:59a
Bescherming tegen gevaarlijke honden op eigen erven.
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening 2008-I, 1e wijziging *