**1..** In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
Aan huis gebonden beroep:een beroep ofhet beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, (para)medisch, therapeutisch, kunstzinnig, ontwerptechnisch of hiermee gelijk te stellen gebied, dat door zijn beperkte omvang in een woning en bijbehorende bouwwerken met behoud van de woonfunctie kan worden uitgeoefend. Detailhandel, uitgezonderd verkoop via internet én voor zover voortkomend uit het aan huis gebonden beroep, valt niet onder aan huis gebonden beroepen;
Aan huis gebonden bedrijf: een bedrijf of het bedrijfsmatig uitoefenen van ambtshalve bedrijvigheid gericht op consumentenverzorging, geheel of gedeeltelijk door middel van handwerk, dat door zijn beperkte omvang in een woning en daarbij behorende bijgebouwen met behoud van de woonfunctie kan worden uitgeoefend. Detailhandel, uitgezonderd verkoop via internet én voor zover voortkomend uit het aan huis gebonden bedrijf, valt niet onder aan huis gebonden bedrijven;
Aansluitend terrein: terrein dat op grond van het bestemmingsplan voor bebouwing in aanmerking komt. Dat een bouwvlak op de plankaart zijn of een (begrensd) bouwperceel waarop zelfstandige bij elkaar behorende bebouwing is toegestaan;
Ander gebouw: elk gebouw dat geen woongebouw is, zoals een schoolgebouw, winkel, kantoor en hotel;
Bebouwde kom: het gebied waar de verschillende bestemmingsplannen voor de kernen gelden, zoals dit wordt begrensd door de vigerende bestemmingsplannen voor het buitengebied;
Bebouwingspercentage:een op de plankaart of in de voorschriften van een bestemmingsplan aangegeven percentage, dat de grootte aangeeft van het deel van het bestemmingsvlak dat ten hoogste mag worden bebouwd;
Bebouwingsstrook; het in het van toepassing zijnde bestemmingsplan door bouwgrenzen omsloten vlak, waarmee gronden zijn aangeduid waarop gebouwen zijn toegelaten;
BIO-woningen: woningen die gerealiseerd zijn op basis van de regeling Buitengebied In Ontwikkeling;
Bouwwerk; elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond bedoeld om permanent ter plaatse te functioneren;
Bouwvlak: het in het van toepassing zijnde bestemmingsplan door bouwgrenzen omsloten vlak, waarmee gronden zijn aangeduid waarop gebouwen zijn toegelaten;
Buiten bebouwde kom: alles wat niet tot de bebouwde kom behoord.
Escortbedrijf: een natuurlijke persoon, groep van personen of rechtspersoon die bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was prostitutie aanbiedt die op een andere plaats dan in de bedrijfsruimte wordt uitgeoefend, zoals escortservices en bemiddelingsbureaus;
Evenement: een activiteit in de openlucht, gebouwen of bouwwerken geen gebouw zijnde, dan wel in al dan niet tijdelijke tenten of paviljoens, gericht op het bereiken van een algemeen of besloten publiek voor informerende, educatieve, culturele en/of levensbeschouwelijke doeleinden/tradities;
Goothoogte: vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot c.q. de druiplijn (snijpunt van het wandvlak en het dakvlak), het boeiboord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel;
Kleinschalig logeren: kleinschalige recreatieve activiteiten in de vorm van logies en ontbijt, waarbij niet meer dan 5 kamers (10 bedden) aan de orde zijn tot een maximum van 150 m², zoals logeren bij de boer en bed and breakfast;
Nok/bouwhoogte: vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen;
Overige dienstverlening: maatschappelijke dienstverlening en dienstverlening, niet zijnde zakelijke dienstverlening en winkelondersteunende dienstverlening;
Plat dak: een plat dak is een dak met een dakhelling tussen de 0 en 5°;
Prostitutiebedrijf: een bedrijf waarin personen zich tegen vergoeding beschikbaar stellen voor het verrichten van seksuele handelingen met een ander;
Ruimte voor Ruimte woningen: woningen die gerealiseerd zijn op basis van de regeling Ruimte voor Ruimte;
Seksinrichting: de voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig is, seksuele handelingen worden verricht of vertoningen van erotische-pornografische aard plaats vinden. Onder een seksinrichting worden in elk geval verstaan: een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater, een parenclub of een prostitutiebedrijf waaronder tevens begrepen een erotische massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar;
Sekswinkel: de voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin hoofdzakelijk goederen van erotisch-pornografische aard aan particulieren worden verkocht of verhuurd;
Voorgevel: de gevel, die is gekeerd naar de weg, waarop de betrokken woning overwegend georiënteerd is;
Winkelondersteunende dienstverlening: het verlenen van diensten, waarbij de aard en de omvang van de dienstverlening past binnen een overwegend winkelgebied en geheel of overwegend gebonden c.q. ondersteunend is voor de winkelfunctie, zoals reisbureau’s, kappersbedrijven, kleding- en textielreiningsbedrijven, verzorgende bedrijven, apotheken, videoverhuurbedrijven, musea, galeries, hakkenbars en sleutelbars;
Woning: een complex van ruimten, geschikt en bestemd voor de huisvesting van één of meer personen.
Zakelijke dienstverlening: het bedrijfsmatige verlenen van diensten.
**2..** Voor begripsbepalingen die niet in deze beleidsregel zijn voorzien, gelden allereerst de bepalingen uit de Wabo, dan uit het Bor en vervolgens de bepalingen van het desbetreffende bestemmingsplan.
Artikel 1.
Begripsbepalingen
Onderdeel van Beleidsregel kleine afwijkingen van bestemmingsplannen 2012