In dit statuut wordt verstaan onder:
bestuursorgaan: het college van burgemeester en wethouders of de burgemeester, ieder voor zover zijn bevoegdheden betreft;
de directeur: de directeur Algemene Zaken, de directeur Stadsontwikkeling en –beheer en de directeur Welzijn;
de wet: de Algemene wet bestuursrecht (Awb);
mandaat: de bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen;
volmacht: de bevoegdheid tot het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen;
machtiging: de bevoegdheid tot het verrichten van handelingen die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.