Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Beëindiginggronden

Onderdeel van Beleidsregels integrale schuldhulpverlening Nieuwegein

Onverminderd de overige bepalingen in deze beleidsregels, kan het College besluiten tot beëindiging van de schuldhulpverlening indien: aanvrager niet voldoet aan het genoemde in artikel 2; het schuldhulpverleningstraject succesvol is afgerond; aanvrager in staat is om zijn schulden zelf te regelen dan wel in staat is de schulden zelfstandig te beheren; de geboden hulpverlening, gelet op de persoonlijke omstandigheden van de aanvrager niet (langer) passend is; de schuldhulpverlening door het College niet langer noodzakelijk wordt geacht. de schuldenaar zijn beschikbare aflossingscapaciteit niet wil gebruiken voor de aflossing van schulden; op grond van  – zo later is gebleken – onjuiste gegevens schuldhulpverlening aan betrokkene is toegekend, terwijl indien dit ten tijde van de besluitvorming bekend was geweest bij het College, een andere beslissing zou zijn genomen; belanghebbende zich ten opzichte van de medewerkers, belast met werkzaamheden die voortkomen uit het schuldhulpverleningstraject, misdraagt en/of agressief gedrag vertoont.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel