1. In een nader door het college vast te stellen regeling worden algemene regels omtrent de werktijden vastgesteld.
Voorzover ingevolge deze regeling wisselende werktijden gelden, wordt daarvoor een rooster opgesteld.
2. Bij de regeling van de werktijd wordt in acht genomen:
a. dat geen arbeid wordt verricht op zaterdagen en zondagen, tenzij afwijking van deze regel in het belang van de dienst noodzakelijk is;
b. dat de werktijden tenminste één maand voor aanvang aan de ambtenaar bekend worden gemaakt.;
c. dat de werktijd behoorlijk door pauze wordt onderbroken.
d. dat de werktijd van een ambtenaar niet uitsluitend wordt vastgesteld om het bepaalde in artikel 3:3, derde lid, te ontwijken.
3. Bij de brandweer en de wat de van toepassing zijnde dienstroosters daarmee vergelijkbare onderdelen.