Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3.4

Herplaatsing medewerkers

Onderdeel van Sociaal Statuut

Uitsluitend de medewerker voor wie de organisatieverandering leidt tot een verandering in of van de functie, wordt betrokken bij de herplaatsingprocedure. Dit zijn de herplaatsingkandidaten. Uitgangspunt is dat de medewerker wordt herplaatst in een functie die zo veel mogelijk lijkt op de oude functie van betrokkene (mens volgt taak). Primair wordt een voorstel gedaan voor herplaatsing in een ongewijzigde functie dan wel passende functie binnen de gemeentelijke organisatie. Secundair wordt betrokkene herplaatst in een geschikte functie, Hierbij dient rekening gehouden te worden met de afspraken in het “Van werk naar werk-contract” (conform artikel 10d:16). Tertiair wordt betrokkene tijdelijk bovenformatief geplaatst in afwachting van een vacant komende passende of geschikte functie. Bij bovenformatieve plaatsing wordt binnen een periode van 2 maanden gestart met het opstellen van een herplaatsingsplan. Hierbij kan op kosten van de werkgever gebruik worden gemaakt van onder andere één of meer van de volgende instrumenten: opleiding; tijdelijke tewerkstelling binnen de eigen gemeente al dan niet bovenformatief; tijdelijke detachering of proefplaatsing bij een andere organisatie; dit kan ook in de vorm van een stage; externe begeleiding bij een (her)oriëntatie op de loopbaan en/of coaching. Als een medewerker bovenformatief geplaatst wordt, geldt een herplaatsingtermijn van twee jaar na de datum van bovenformatieve plaatsing. Deze herplaatsingtermijn is inclusief de re-integratiefase conform artikel 10d lid 5 van de CAR-NUWO. In gevallen waar toepassing van deze bepaling zou leiden tot onbillijkheid kan de werkgever hiervan afwijken. De medewerker voor wie binnen een half jaar na de datum van bovenformatieve plaatsing geen passende of geschikte functie is gevonden wordt een half jaar na de datum van de bovenformatieve plaatsing in kennis gesteld van een voorgenomen ontslagbesluit, waarvan de ingangsdatum twee jaar na de datum van de bovenformatieve plaatsing zal zijn. De medewerker zal dan de gelegenheid krijgen om zijn zienswijze te geven voordat het ontslagbesluit wordt genomen. Het ontslagbesluit zal worden genomen op een moment dat tot aan de ontslagdatum nog tenminste de termijn, zoals bedoeld in artikel 10d:5, lid 5 CAR-NUWO resteert. In de motivering van het ontslagbesluit wordt ingegaan op eventuele bedenkingen die door de ambtenaar zijn ingediend. Vanaf het ontslagbesluit tot aan de datum van ontslag zal de re-integratiefase conform artikel 10d CAR-NUWO van toepassing zijn, waarbij de inspanningen gericht zullen blijven op het vinden van ander werk binnen of buiten de gemeente. Indien gedurende de re-integratietermijn ander werk binnen de gemeente wordt gevonden, zal het ontslagbesluit worden ingetrokken. De werkgever en de herplaatsingkandidaat zullen zich gezamenlijk inspannen om een structurele oplossing te vinden. Voor zowel de werkgever als de herplaatsingkandidaat geldt een inspanningsverplichting voor het verkrijgen van een andere functie, c.q. betrekking zowel primair binnen dan wel zo nodig buiten de organisatie. Bij zowel het interne als het externe herplaatsingtraject is de betrokken medewerker verplicht zich actief en constructief op te stellen. De medewerker toont initiatief bij het zoeken naar een passende of geschikte functie. De medewerker is verplicht een passende functie en hem tijdelijk opgedragen werkzaamheden als gevolg van een bovenformatieve plaatsing te aanvaarden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel