Conform artikel 6.2 van het Bor vraagt het college van burgemeester en wethouders advies aan de welstandscommissie, dan wel de stadsbouwmeester, tenzij er voor het desbetreffende bouwwerk geen redelijke eisen van de welstand gelden of bij voorbaat vaststaat dat de omgevingsvergunning reeds op een andere grond wordt geweigerd.
De volgende algemene welstandseisen worden in de welstandsnota opgenomen welke van toepassing kunnen zijn op antenne-installaties aangezien er geen specifieke welstandeisen voor gelden:
Alle onderdelen moeten in principe een zodanige kleurstelling krijgen dat deze zo veel mogelijk wegvallen tegen de achtergrond.
In specifieke gevallen kan in overleg tussen gemeente en operator worden afgesproken dat de antenne juist een afwijkende kleurstelling zal krijgen.
De constructie moet zodanig worden vormgegeven dat de installatie een zo onopvallend mogelijk silhouet vormt, door o.a. aandacht te besteden aan de vorm en architectuur van het gebouw.
Door site-sharing kan het voorkomen dat er meerdere techniekkasten bij een installatie worden geplaatst. Deze moeten dan dezelfde kleur en bij voorkeur dezelfde buitenmaten hebben.
Bij plaatsing van apparatuurkasten op maaiveld dient beplanting of een andere aantrekkelijke afscherming te worden aangebracht zodat de apparatuur uit het zicht blijft.
Bij voorkeur clustering van de installatie met bestaande elementen op een plat dak of aan een dakopbouw voor klimaatinstallaties of liften.
Plaatsing van een antenne-installatie op of aan een gebouw mag tijdens en na gebruik nooit blijvende schade of zichtbare aanpassingen aan het gebouw veroorzaken.
Hoofdstuk
Artikel Welstandsnota
Artikel Welstandsnota
Onderdeel van BELEIDSREGEL ANTENNES VOOR MOBIELE TELECOMMUNICATIE HELMOND 2012