Deze verordening verstaat onder:
werkgever: de gemeente Vlissingen;
werknemer:
1. degene die is aangesteld als ambtenaar in de zin van de CAR, voor zover het een aanstelling in vaste dienst betreft;
2. degene die een arbeidsovereenkomst heeft in de zin van artikel 2:5 van de CAR, voorzover het een arbeidsovereenkomst betreft voor onbepaalde tijd;
deelnemer: de werknemer die overeenkomstig artikel 2 tot de spaarregeling is toegetreden;
partner: degene zoals bedoeld in de zin van de Wet op de Loonbelasting 1964;
spaarbedrag: ieder overeenkomstig de bepalingen van deze verordening ingehouden en op de spaarloonrekening van de deelnemer gestort bedrag;
spaarinstelling: een nader door het college aan te wijzen bank of spaarinstelling;
spaarloonrekening: een door de spaarinstelling ten name van de deelnemer geopende spaarrekening, waarop de spaarbedragen door de werkgever worden gestort;
vrije rekening: een rekening ten name van de deelnemer, die geschikt is om de jaarlijks vrijkomende spaar- en rentebedragen op af te rekenen;
college: het college van burgemeester en wethouders van Vlissingen.