Indien de belanghebbende zich tegenover het college of zijn ambtenaren onder omstandigheden die rechtstreeks verband houden met de uitvoering van de WIJ zeer ernstig misdraagt wordt de maatregel afgestemd op de ernst van de gedraging.
Onverminderd artikel 2, tweede lid, en artikel 5, eerste en tweede lid van deze verordening, wordt de maatregel op de volgende wijze vastgesteld:
a. bij verbaal geweld: twintig procent van de WIJ-norm gedurende een maand;
b. bij discriminatie: vijftig procent van de WIJ-norm gedurende een
maand;
c. bij zaakgericht fysiek geweld: vijftig procent van de WIJ-norm
gedurende een maand;
d. bij intimidatie: honderd procent van de WIJ-norm gedurende een
maand;
e. bij mensgericht fysiek geweld: honderd procent van de WIJ-norm
gedurende een maand.
HOOFDSTUK 3
Artikel 12a
Zeer ernstige misdragingen
Onderdeel van Maatregelenverordening Wet investeren in jongeren