**1.** Een toeslag wordt (ambtshalve) verleend, als het laatste in de gezinsbijstand begrepen kind niet meer ten laste van de alleenstaande ouder komt, waardoor op deze ouder het normbedrag voor een alleenstaande van toepassing is. Voorwaarde is dat dit kind tot het huishouden van de alleenstaande blijft behoren. De toeslag wordt vastgesteld op het verschil tussen het bijstandsbedrag zoals dat gold in de oude situatie en de bijstandsnorm in de nieuw ontstane situatie.
**2.** De toeslag wordt verleend zolang het kind tot het huishouden van de ouder blijft behoren, voor maximaal 36 maanden, waarbij de toeslag na 18 maanden wordt gehalveerd.
**3.** Voor de bepaling van de inkomsten van het kind wordt het bedrag van inkomsten ingevolge de Wet op de Studiefinanciering vastgesteld overeenkomstig artikel 33 van de wet.
Hoofdstuk 2
Artikel 7
Toeslag voormalig alleenstaande ouder
Onderdeel van Beleidsregels Bijzondere Bijstand 2012 gemeente Woensdrecht