**1..** De subsidieverlening kan naast de gevallen genoemd in de Algemene wet bestuursrecht en in artikel 2, vijfde lid van deze verordening, in ieder geval tevens worden geweigerd indien gegronde redenen bestaan om aan te nemen dat:
de activiteiten van de aanvrager niet of niet in overwegende mate gericht zijn op de gemeente of haar ingezetenen;
de activiteiten niet of nauwelijks ten goede komen aan de gemeente of haar ingezetenen;
een door het college beoogd volume aan soortgelijke te subsidiëren activiteiten wordt overschreden;
er op een toereikende wijze reeds anders in de activiteiten wordt voorzien;
de subsidieverstrekking anderszins niet past binnen het beleid van de gemeente.
**2..** Eveneens kan het college voor subsidies binnen door de raad vast te stellen
beleidsterreinen of onderdelen daarvan bepalen dat de gevraagde subsidie kan worden geweigerd of de verleende subsidie kan worden ingetrokken in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitbeoordelingen door het openbaar bestuur.
**3..** Indien bij de aanvraag, of tijdens de periode van subsidieverlening blijkt dat de aanvrager loon en/of andersoortige beloningen als bedoeld in artikel 6 lid 1 van de Wet openbaarmaking uit publieke middelen gefinancierde topinkomens verstrekt die hoger is/zijn dan de inkomensgrens genoemd in ditzelfde artikel 6 lid 1, wordt de gevraagde subsidie geweigerd respectievelijk de subsidie op nihil vastgesteld.
HOOFDSTUK 4.
Artikel 8.
Weigeringsgronden
Onderdeel van Algemene Subsidieverordening gemeente Haarlem