Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Aanvraag voor medewerking

Onderdeel van Exploitatieverordening gemeente Hulst 2003

Op een schriftelijk bij burgemeester en wethouders ingediende aanvraag voor medewerking aanhet in exploitatie brengen van gronden gelden de bepalingen van dit artikel. Deze aanvraag dient inieder geval vergezeld te gaan van: een nauwkeurige omschrijving van de in exploitatie te brengen onroerende zaken; gegevens, waaruit blijkt dat de belanghebbende genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht van de in exploitatie te brengen onroerende zaken is of kan worden; gegevens omtrent de door belanghebbende te treffen (bouw)werkzaamheden; gegevens waaruit blijkt dat de belanghebbende financieel in staat is tot exploitatie over te gaanen de benodigde zekerheden te stellen. Ingeval door burgemeester en wethouders een aanvraag voor een bouwvergunning, eventueel incombinatie met een aanvraag voor vrijstelling, wordt ontvangen, waarbij in geval van verlening vande vrijstelling en/of bouwvergunning van gemeentewege voorzieningen van openbaar nut moetenworden getroffen, wordt hiervan zo spoedig mogelijk, doch in ieder geval voor de beslissing op deaanvraag mededeling gedaan aan de aanvrager. Daarbij zal een zo nauwkeurig mogelijke raming vande voor rekening van de exploitant komende kosten, verband houdende met het in exploitatiebrengen van gronden, worden verstrekt. Tevens zal daarbij aan de aanvrager de gelegenheidworden gegeven tot het indienen van een aanvraag voor medewerking. Burgemeester en wethouders reageren op een schriftelijke aanvraag voor medewerking alsbedoeld in lid 1 van dit artikel, hetzij met een weigering hetzij met de aanbieding van een conceptovereenkomst, binnen zes maanden na de dag waarop de aanvraag is ontvangen. Deze termijn kan onder vermelding van de redenen daarvoor door burgemeester en wethouders worden verlengd met een maximum van zes maanden. De reactie op een aanvraag kan worden aangehouden: ingeval de procedure tot goedkeuring van het van toepassing zijnde bestemmingsplan of eenherziening daarvan nog niet is afgerond, tot vier weken na het onherroepelijk worden van (hetbetreffende deel van) het bestemmingsplan of de herziening daarvan; ingeval voorzienbaar is dat de in artikel 8 genoemde belemmeringen binnen afzienbare tijdzullen kunnen worden weggenomen, tot vier weken nadat deze belemmeringen zijnweggenomen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel