Indien de subsidieverlening minimaal 25.000 euro bedraagt, dient de subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in bij het college:
bij een eenmalige subsidie, uiterlijk 13 weken na het verricht zijn van de activiteiten;
bij een reguliere subsidie, uiterlijk vóór 1 mei in het jaar na afloop van het kalenderjaar, respectievelijk 4 maanden na het subsidietijdvak, waarvoor de subsidie is verleend.
De aanvraag tot vaststelling bevat:
een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht;
een overzicht van de activiteiten en de hieraan verbonden uitgaven en inkomsten (financieel verslag en jaarrekening);
een balans van het afgelopen subsidietijdvak met een toelichting daarop;
een accountantsverklaring.
Het college kan bepalen dat ook andere, of minder dan, de in dit artikel bedoelde gegevens en bescheiden die voor de vaststelling van belang zijn, worden overlegd.
Hoofdstuk
Artikel 17.
Verantwoording subsidies vanaf 25.000 euro
Onderdeel van Algemene Subsidieverordening Uithoorn 2012