De subsidie zal in ieder geval worden beëindigd als:
a) de werknemer de pensioengerechtigde leeftijd bereikt;
b) de werknemer komt te overlijden;
c) de werknemer niet meer werkzaam is bij de werkgever.
Het college kan de subsidie beëindigen, indien:
a) de werkgever in staat van faillissement verkeert;
b) de werknemer niet meer behoort tot de doelgroep van de re-integratie-verordening of niet meer behoort tot de doelgroep van de WWB, de IOAZ of de IOAW;
c) de werknemer algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt, waarbij geen gebruik wordt gemaakt van deze voorziening;
d) naar het oordeel van burgemeester en wethouders de voorziening onvoldoende bijdraagt aan de participatie van de werknemer aan het arbeidsproces;
e) de subsidieontvanger niet aan de verplichtingen genoemd in deze regeling voldoet.