Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3:9

Functiegebonden toelagen

Onderdeel van CAR/UWO

Voor de medewerker die wordt overgeplaatst naar een andere functie binnen de gemeentelijke organisatie vervallen de functiegebonden toelagen. Aan de medewerker, wiens bezoldiging als gevolg van het vervallen van de functiegebonden toelagen een blijvende verlaging ondergaat, wordt een aflopende compensatie toegekend indien: de blijvende verlaging ten minste 3% bedraagt van de bezoldiging; de medewerker deze toelagen gedurende ten minste twee jaren zonder wezenlijke onderbreking heeft genoten. Deze compensatie kent het volgende verloop: het eerste halfjaar na de overplaatsing ontvangt de medewerker 100% van de daling van de bezoldiging, die het gevolg is van het vervallen van de toelagen; het tweede halfjaar na de overplaatsing ontvangt de medewerker 75% van de daling van de bezoldiging, die het gevolg is van het vervallen van de toelagen; het derde halfjaar na de overplaatsing ontvangt de medewerker 50% van de daling van de bezoldiging, die het gevolg is van het vervallen van de toelagen; het vierde halfjaar na de overplaatsing ontvangt de medewerker 25% van de daling van de bezoldiging, die het gevolg is van het vervallen van de toelagen.

Rechtspraak bij dit artikel