Naar hoofdinhoud
1.. Voor het hebben van een grafbedekking is een schriftelijke vergunning nodig van hetcollege. 2.. De rechthebbende van een eigen graf vraagt de vergunning voor het hebben van eengrafbedekking aan. 3.. Omtrent de wijze van aanvragen van de vergunning, de aard en de afmetingen van degrafbedekking en de wijze van aanbrengen kan het college nadere regels vaststellen. 4.. Het college kan ontheffing verlenen van de door hen vastgestelde nadere regels. 5.. Het college kan de vergunning weigeren indien: niet voldaan wordt aan de door hen vastgestelde nadere regels; de grafbedekking afbreuk doet aan het aanzien van de begraafplaats; de duurzaamheid van de materialen onvoldoende is; de constructie van de grafbedekking ondeugdelijk is. 6.. Het bepaalde in artikel 22, lid 4, is van overeenkomstige toepassing. 7.. De rechthebbende van een graf is verplicht te gedogen, dat de zich op het graf bevindende voorwerpen door of vanwege de gemeente worden opgenomen of verplaatst, voor zover en zo lang noodzakelijk in verband met begraving van lijken in de nabijheid of om andere dringende redenen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel