Naar hoofdinhoud

Paragraaf 2

Artikel 3

Inleidend verzoek

Onderdeel van Referendumverordening gemeente Harlingen 2012

1.. Een verzoeker kan schriftelijk een inleidend verzoek voor het houden van een raadgevend referendum indienen bij de voorzitter van de raad. 2.. Het inleidend verzoek geeft aan om welk te nemen besluit het gaat en wordt ten minste drie werkdagen vóór de commissievergadering, waarvoor het besluit dat onderwerp is van het inleidende verzoek is geagendeerd, ingediend. 3.. Het inleidend verzoek dient door ten minste 100 ondertekenaars te worden ondersteund. 4.. De ondertekenaars geven op lijsten aan hun: naam; adres; woonplaats; geboortedatum en ondertekenen het inleidend verzoek. 5.. Het inleidend verzoek wordt door de voorzitter van de raad aan de in deze verordening bepaalde vereisten getoetst en vervolgens legt de voorzitter zijn bevindingen voor aan de raad. 6.. Indien het inleidend verzoek voldoet aan de in deze verordening bepaalde vereisten, besluit de raad in zijn vergadering, volgend op de in het tweede lid bedoelde vergadering de besluitvorming over het voorgenomen besluit met ten minste twee maanden te verdagen, zodat een definitief verzoek tot het houden van een referendum kan worden ingediend. 7.. De voorzitter van de raad maakt het besluit inzake het inleidende verzoek zo spoedig mogelijk openbaar op de in de gemeente gebruikelijke wijze.

Rechtspraak bij dit artikel