Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1 › Paragraaf 1

Artikel 2

Omschrijving voorzieningen in de huisvesting

Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs Rotterdam 2012

Bij de toepassing van deze verordening worden de volgende voorzieningen onderscheiden: a.de voor blijvend of voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen bestaande uit: 1° nieuwbouw voor een school die voor het eerst voor rijksbekostiging in aanmerking is gebracht, dan wel nieuwbouw ter gehele of gedeeltelijke vervanging van een gebouw waarin een school is gehuisvest, al dan niet op dezelfde locatie; 2° uitbreiding van een gebouw waarin een school is gehuisvest; 3° gehele of gedeeltelijke ingebruikneming van een bestaand gebouw ten behoeve van de huisvesting van een school; 4° verplaatsing van een of meer bestaande noodlokalen ten behoeve van de huisvesting van een school; 5° verwerving van het terrein voor zover nodig voor de realisering van een onder a sub 1° tot en met 4° omschreven voorziening; 6° inrichting met onderwijsleerpakket of met leer- en hulpmiddelen voor zover deze nog niet eerder voor bekostiging van rijks- of gemeentewege in aanmerking is gebracht; 7° inrichting met meubilair voor zover deze nog niet eerder voor bekostiging van rijks- of gemeentewege in aanmerking is gebracht; 8° medegebruik van een ruimte in een gebouw dat al bij een andere school in gebruik is en medegebruik van een gymnastiekruimte en een bad voor watergewenning of bewegingstherapie; aanpassingen aan gebouwen ten behoeve van een school voor basisonderwijs en een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs bestaande uit een of meer activiteiten zoals onderscheiden in bijlage I; onderhoud aan gebouwen ten behoeve van een school voor basisonderwijs en een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs bestaande uit een of meer activiteiten, zoals onderscheiden in bijlage I; herstel van een constructiefout bestaande uit schade aan een gebouw veroorzaakt door eigen gebrek of eigen bederf, evenals uit kosten gemoeid met het voorkomen van nog niet zichtbare materiële schade onmiddellijk voortvloeiend uit ontwerpfouten, uitvoeringsfouten of wanprestatie. De modelverordening kent het begrip ‘constructiefout’ daarnaast als onderdeel van het formulier ‘Bouwkundige opname’. Daar wordt het volgende gesteld: ‘als het herstel van constructiefout wordt gevraagd, wordt het element aangevuld waarop de aanvraag betrekking heeft’. Elementen die een relatie hebben met een constructiefout zijn: fundering, vloeren, dakconstructie, draagconstructie, vloerafwerkingen, plafondafwerkingen, warmteopwekking, waterleiding/riolering, luchtbehandeling en elektrotechniek; herstel en vervanging in verband met schade aan een gebouw, terrein, onderwijsleerpakket of leer- en hulpmiddelen en meubilair ingeval van bijzondere omstandigheden, alsmede maatregelen om schade door vandalisme te voorkomen; huur van een sportterrein, dat niet in eigendom is van een bevoegd gezag, voor een school voor voortgezet onderwijs ten behoeve van het onderwijs in lichamelijke oefening; extra ruimte boven de ruimtebehoefte zoals beschreven in Bijlage III, deel B en bekostiging van de exploitatie van deze extra ruimte ter realisatie van het Rotterdams onderwijsbeleid.

Rechtspraak bij dit artikel