**1..** Bij een persoonsgebonden budget wordt in de beschikking vastgelegd: a. voor welk te bereiken resultaat het persoonsgebonden budget gebruikt moet worden, eventueel aangevuld met een programma van eisen waaraan bij de besteding voldaan moet worden,
b. wat de omvang van het persoonsgebonden budget is en hoe deze omvang tot stand is gekomen,
c. wat de duur is van de verstrekking waarvoor het persoonsgebonden budget bedoeld is,
d. welke regels gelden ten aanzien van verantwoording van het persoonsgebonden budget en
e. dat er een eigen bijdrage wordt opgelegd, tenzij dat op grond van hogere wetgeving niet mogelijk is.
**2..** De omvang van het persoonsgebonden budget is maximaal de tegenwaarde van de in de betreffende situatie goedkoopst adequaat te verstrekken nieuwe voorziening in natura, inclusief de instandhoudingkosten.
**3..** Het college stelt in het Besluit nadere regels
a. voor controle op de besteding van het persoonsgebonden budget en de eventuele terugvordering van bedragen,
b. voor de situatie waarin een voorziening voor afloop van de afschrijvingstermijn niet mee gebruikt wordt en opgehaald moet worden; in die nadere regels wordt ook de daarmee gepaard gaande verrekening van eventuele eigen middelen onder vooraf oveengekomen voorwaarden betrokken.
Hoofdstuk 6. › Paragraaf 3.
Artikel 20
Inhoud beschikking persoonsgebonden budget
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Voorst 2014