Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7.

Artikel 24.

Beperkingen

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Voorst 2014

1.. Een voorziening kan, gelet op de omstandigheden van de belanghebbende in relatie tot de duur van diens situatie, slechts worden toegekend voor zover de noodzaak voor het te bereiken resultaat: a. geen uitstel meer mogelijk maakt, b. langdurig is, tenzij kortdurende hulp bij het huishouden leidt tot het te bereiken resultaat en/of c. de te treffen voorziening aangemerkt kan worden als de, naar objectieve maatstaven   gemeten, goedkoopst compenserende voorziening. 2.. Geen recht op een voorziening wordt toegekend a. indien de voorziening algemeen gebruikelijk is, b. indien de belanghebbende zijn hoofdverblijf niet in de gemeente Voorst heeft, c. indien de voorziening zal worden ingezet voor therapeutische doeleinden, d. voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan het moment van aanvragen of het moment van beschikken heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of deze voorziening noodzakelijk was en als goedkoopst compenserend aan te merken valt, e. op het moment dat op basis van leeftijd, gezins- en/of woonsituatie van de belanghebbende ruim van te voren te voorzien was dat deze voorziening noodzakelijk zou zijn en er geen sprake is van een onverwacht optredende noodzaak, f. als die al eerder in het kader van enige wettelijke bepaling of regeling is verstrekt en de normale afschrijvingstermijn van de voorziening nog niet verstreken is, tenzij 1. de eerder vergoede of verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstand digheden die niet aan belanghebbende zijn toe te rekenen, of 2. belanghebbende geheel of gedeeltelijk tegemoetkomt in de veroorzaakte kosten. 3.. Een uitzondering op het bepaalde in lid 2 onder b wordt gemaakt als een woning bezoekbaar moet worden gemaakt voor een belanghebbende die woont in een AWBZ-inrichting in een andere gemeente.

Rechtspraak bij dit artikel