1.
In het kader van de veiligheid, de gezondheid en het milieu dient het woonvaartuig te voldoen aan de navolgende eisen:
a.
het woonschip dient op deugdelijke wijze en uitsluitend aan de daartoe bestemde afmeermiddelen te worden afgemeerd
b.
het woonschip dient op deugdelijke wijze vanaf de wal bereikbaar te zijn, waarbij een eventueel toe te passen loopplank ten minste 0,60 meter breed dient te zijn;
c.
het woonschip dient lekvrij en waterdicht te zijn;
d.
het casco dient te voldoen aan de eisen zoals gesteld in de artikelen 2.01 en 2.02, leden 1 en 2, van hoofdstuk 2 van bijlage II van het Binnenschepenbesluit;
e.
de opbouw dient te beschikken over voldoende sterkte, stijfheid en stabiliteit, waarvan moet blijken uit een berekening, uit te voeren overeenkomstig de in het Bouwbesluit gestelde voorschriften;
f.
de afstand tussen de brandbare delen van twee naast of achter elkaar liggende woonschepen dient ten minste 5 meter te bedragen;
g.
rondom het bewoonde deel van het woonvaartuig dient een vluchtmogelijkheid van voldoende afmetingen aanwezig te zijn;
h.
een woonschip, waarvan het drijvende deel bestaat uit een stalen casco, dient tenminste eenmaal per zeven jaren bij een scheepswerf op het droge gezet te worden voor inspectie en onderhoud, terwijl van de inspectie en het onderhoud een rapport opgemaakt dient te worden waarvan binnen 14 dagen na de inspectie en het onderhoud een kopie aan door het college aangewezen ambtenaren moet worden afgegeven:
i.
indien het woonschip op een afstand van 40 meter of minder van een gemeentelijk riool ligt, moet het woonvaartuig voor wat betreft de vuilwaterannex rioolafvoer door middel van een flexibele verbinding op dat gemeentelijk riool worden aangesloten;
j.
indien het woonschip op een afstand van meer dan 40 meter van een gemeentelijk riool ligt, dient het woonschip vanaf 1 januari 2004 voorzien te zijn van een septictank, waarop de vuilwater –annex rioolafvoer moet worden aangesloten.
k.
Een woonschip dient te worden aangesloten aan het distributienet van de openbare waterleiding tenzij het woonschip is voorzien van een of meer drinkwatertanks met een gezamenlijke inhoud van tenminste 250 Liter.
2.
Het college kan ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste lid 1 onder f. indien er wat brandveiligheid betreft wordt voorzien in tenminste één van de volgende twee oplossingen:
a.
de wanden welke grenzen aan naastliggende woonschepen voldoen aan de volgende eisen:
1.
in deze wanden aanwezige deur- en raamconstructies en mogelijke doorvoeringen dienen een brandwerendheid van 30 minuten te bezitten conform de NEN norm 6068.
2.
in de aan naastliggende woonschepen grenzende wanden mogen zich geen draaiende delen bevinden anders dan zelfsluitende deuren.
3.
de wanden welke grenzen aan naastliggende woonschepen dienen een brandvoortplantingsklasse van 2 of minder te bezitten conform de NEN norm 6064.
b.
het woonschip is voorzien van een sprinklerinstallatie die is uitgevoerd conform het gestelde in Bijlage A en het programma van eisen, beide deel uit makend van hoofdstuk 6 van het boekwerk ‘Brandbeveiligingsinstallaties’ van de Nederlandse Vereniging voor Brandweerzorg en Rampenbestrijding (NVBR), eerste druk september 2002. Bij het verlenen van de ontheffing wordt rekening gehouden met de minimale afstand opgenomen in het ter plaatse van de ligplaats geldend bestemmingsplan.
3.
Een verzoek om ontheffing van het bepaalde in het eerste lid 1 onder f. dient te worden vergezeld van een rapport opgesteld door een deskundige op het gebied van brandpreventie waaruit blijkt dat wordt voldaan aan de in lid 2 gestelde eisen.
4.
De beoordeling van een rapport als bedoeld in lid 3 wordt opgedragen aan de regionale brandweer Zaanstreek-Waterland. Het college verleent de in lid 2 bedoelde ontheffing pas nadat de regionale brandweer Zaanstreek-Waterland tot het oordeel is gekomen dat er wordt voorzien in gelijkwaardige oplossing.
5.
Met betrekking tot het in het eerste tot en met vierde lid bepaalde kan het college nadere regels stellen.
Hoofdstuk 5. › Afdeling 6. › Paragraaf 3
Artikel 5.46
Veiligheids- en inrichtingseisen (z)
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening