1.
Vergunning kan worden verleend voor een beperkt aantal inrichtingen, waarbij het maximum wordt bepaald op het aantal inrichtingen, volgens vaststelling door de burgemeester, dat op het moment van inwerkingtreding van deze verordening wordt geëxploiteerd.
2.
Indien de exploitatie van een inrichting wordt beëindigd, neemt het in het eerste lid bedoelde maximum evenredig af.
Hoofdstuk 2. › Afdeling 16
Artikel 2:80
Afnemend maximum
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening