1.
Het is verboden om buiten het gebied waar de Regionale Havenverordening Noordzeekanaalgebied 2010 van kracht is, zonder vergunning van het college in openbaar water vaartuigen te bouwen, te doen bouwen, te verbouwen of te doen verbouwen of daaraan herstellingen te verrichten of te doen verrichten. Dit verbod geldt niet voor het uitvoeren van noodreparaties.
2.
Het in het eerste lid genoemde verbod geldt niet voor kleine reparaties, die worden verricht door of in opdracht van de gezagvoerder van een vaartuig dat ligt op een plaats als bedoeld in artikel 5.25.
3.
Aan de gezagvoerder van een vaartuig kan het college de verplichting opleggen tot periodieke droogzetting van het vaartuig, zulks ten behoeve van een inspectie onder de waterlijn.
4.
Het is verboden buiten het gebied waar de Regionale Havenverordening Noordzeekanaalgebied 2010 van kracht is, drijvende vaartuigen te slopen of droog te zetten op andere dan door het college aangewezen plaatsen.
5.
Het in dit artikel bepaalde geldt niet voor openbaar water en/of ligplaatsen welk casu quo welke particulier eigendom is of zijn.
Hoofdstuk 5. › Afdeling 6. › Paragraaf 2
Artikel 5.41
Het bouwen, herstellen, droogzetten en slopen van vaartuigen (z)
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening