Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5. › § 2.

Artikel 10

Wonen in een geschikte woning

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Tytsjerksteradiel 2013

1.. Het tweede te bereiken resultaat ten aanzien van het voeren van een huishouden bestaat uit het normaal gebruik kunnen maken van de woning waar men over beschikt. Dit geldt ten aanzien van de woonkamer, slaapvertrekken, keuken, sanitaire ruimten, berging, tuin of balkon. 2.. Met het oog op het normale gebruik van de woning kan een individuele voorziening worden getroffen ten aanzien van de bereikbaarheid, toegankelijkheid en bruikbaarheid van de woning. 3.. Voor zover de belanghebbende kan verhuizen naar een geschikte woning of een gemakkelijker geschikt te maken woning, welke verhuizing kan leiden tot het te bereiken resultaat en deze mogelijkheden beschikbaar en bruikbaar zijn, worden ten aanzien van die onderdelen, behoudens een eventuele verhuiskostenvergoeding, geen individuele voorzieningen verstrekt. Deze beoordeling vindt alleen plaats indien de aanpassing van de woning het bedrag zoals genoemd in het Besluit te boven gaat. Artikel 11 Beschikken over goederen voor primaire levensbehoeften Het derde te bereiken resultaat ten aanzien van het voeren van een huishouden bestaat uit het beschikken over de dagelijks benodigde hoeveelheid voedsel voor maaltijden en andere momenten waarop iets genuttigd wordt, evenals toiletartikelen en schoonmaakartikelen. Ook de noodzakelijke bereiding van maaltijden kan hieronder vallen. Met het oog op het beschikken over goederen voor primaire levensbehoeften kan een individuele voorziening worden getroffen ten aanzien van het doen van boodschappen, voor wat betreft levensmiddelen, schoonmaakmiddelen, en toiletartikelen, alsmede het bereiden en aanreiken van maaltijden. Voor zover er sprake is van gebruikelijke zorg en deze daadwerkelijk beschikbaar en bruikbaar is, worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele voorzieningen verstrekt. Artikel 12 Beschikken over schone, draagbare en doelmatige kleding en schoon linnengoed Het vierde te bereiken resultaat ten aanzien van het voeren van een huishouden bestaat uit het beschikken over kleding in gewassen en zo nodig gestreken, opgevouwen of opgehangen staat evenals linnengoed in gewassen en zo nodig opgevouwen staat. Met het oog op het beschikken over schone, draagbare en doelmatige kleding kan een individuele voorziening worden getroffen ten aanzien van het wassen, drogen en strijken en opruimen van de dagelijkse was. Met het oog op het beschikking over schoon linnengoed kan een individuele voorziening worden getrokken ten aanzien van het wassen, drogen en opruimen van de was. Voor zover er sprake is van gebruikelijke zorg en deze daadwerkelijk beschikbaar en bruikbaar is, worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele voorzieningen verstrekt. Artikel 13 Het thuis kunnen verzorgen van kinderen die tot het gezin behoren Het vijfde te bereiken resultaat ten aanzien van het voeren van een huishouden bestaat uit de dagelijkse, gebruikelijke zorg voor in het huishouden aanwezige kinderen. Met het oog op het thuis kunnen zorgen voor kinderen die tot het gezin behoren, kan een individuele voorziening worden getroffen ten aanzien van het – zo mogelijk tijdelijk ter overbrugging van een periode noodzakelijk voor het nemen van meer definitieve maatregelen – vervangen van de ouder die in principe voor de kinderen zorgt. Voor zover er sprake is van gebruikelijke zorg en deze daadwerkelijk beschikbaar en bruikbaar is, worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele voorzieningen verstrekt. Artikel 14 Zich verplaatsen in en om de woning Het te bereiken resultaat ten aanzien van het zich verplaatsen in en om de woning bestaat uit het in staat zijn de woonkamer, het slaapvertrek en/of de slaapvertrekken, het toilet en de douche, de berging, de tuin of het balkon kunnen bereiken en er zich zodanig kunnen redden dat normaal functioneren mogelijk is. Met het oog op het verplaatsen in en om de woning kan een individuele voorziening worden getroffen bestaande uit een rolstoel voor dagelijks zittend gebruik. Artikel 15 Zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel Het te bereiken resultaat ten aanzien van het zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel bestaat uit het kunnen doen van dagelijkse boodschappen, het kunnen bezoeken van familie, kennissen en het doen van gewenste activiteiten, alles binnen de directe woon- en leefomgeving. Met het oog op het zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel, kan een individuele voorziening worden getroffen ten aanzien van het verplaatsen over de korte afstand rond de woning en het verplaatsen over de langere afstand binnen de directe woon en leefomgeving. Voor zover de belanghebbende gebruik kan maken van collectief vervoer van deur tot deur die in de individuele situatie van de belanghebbende kan leiden tot het te bereiken resultaat en deze daadwerkelijk beschikbaar en bruikbaar is, worden ten aanzien van die onderdelen geen individuele voorzieningen verstrekt. Artikel 16 De mogelijkheid om contacten te hebben met medemensen en deel te nemen aan recreatieve, maatschappelijke of religieuze activiteiten Het te bereiken resultaat ten aanzien van de mogelijkheid om contacten te hebben met medemensen en deel te nemen aan recreatieve, maatschappelijke of religieuze activiteiten bestaat uit het zo mogelijk kunnen afleggen van gewenste bezoeken en het deelnemen aan gewenste activiteiten. Met het oog op de mogelijkheid om contacten te hebben met medemensen en deel te nemen aan recreatieve, maatschappelijke of religieuze activiteiten kan een individuele voorziening worden getroffen ten aanzien van het deelnemen aan activiteiten en het vervoer naar de gewenste bestemmingen. Hoofdstuk 6. Wijze van verstrekking, eigen bijdrage en eigen aandeel § 1. Verstrekking van voorzieningen Artikel 17 Mogelijke verstrekkingwijzen De te treffen voorzieningen kunnen als voorziening in natura of als persoonsgebonden budget worden verstrekt. §2. In natura Artikel 18 Inhoud beschikking Bij het treffen van een voorziening in natura wordt in de beschikking vastgelegd: a. welke de te treffen voorziening is; b. wat de duur is van de verstrekking is; c. hoe de voorziening in natura verstrekt wordt en d. of er sprake is van een overeenkomst waarin deze verstrekking is geregeld. Als er sprake is van een te betalen eigen bijdrage wordt dit in de beschikking opgenomen. § 3. Persoonsgebonden budget Artikel 19 Hoogte persoonsgebonden budget Het college stelt in het Besluit nadere regels vast ten aanzien van de hoogte van het persoonsgebonden budget. Daarbij baseert het college zich: a. voor wat betreft huishoudelijke hulp op de kosten waarvoor de hulp voor het geïndiceerde aantal uren kan worden ingekocht; b. voor wat betreft het vervoer op de autokosten van een kleine middenklasse auto volgens het Nibud waarbij de aanschafkosten buiten beschouwing dienen te blijven en waarbij het uitgangspunt geldt dat op jaarbasis moet kunnen worden gereisd; c. voor wat betreft overige voorzieningen op de kosten die de gemeente kwijt zou zijn op basis van verstrekking van de voorziening in natura. Artikel 20 Overwegende bezwaren Het college legt in het Besluit vast in welke situaties sprake is van overwegende bezwaren zodat er geen persoonsgebonden budget verstrekt wordt. Artikel 21 Inhoud beschikking Bij het treffen van een voorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget wordt in de beschikking vastgelegd: a. Voor welk te bereiken resultaat het persoonsgebonden budget gebruikt moetworden, eventueel aangevuld met een programma van eisen waaraan bij debesteding voldaan moet worden. b.Wat de omvang van het persoonsgebonden budget is en hoe deze omvang totstand is gekomen. c.Wat de duur is van de verstrekking waarvoor het persoongebonden budget bedoeld is. d. Welke regels gelden ten aanzien van verantwoording van het persoonsgebonden budget. 2. Als er sprake is van een te betalen eigen bijdrage wordt dit in de beschikking opgenomen. § 4. Eigen bijdrage Artikel 22 Eigen bijdragen en tarief collectief vervoer Bij het verstrekken van een voorziening is een eigen bijdrage verschuldigd ten aanzien van de volgende resultaten: een schoon en leefbaar huis; wonen in een geschikt huis; beschikken over goederen voor primaire levensbehoeften; beschikken over schone, draagbare en doelmatige kleding en schoon linnengoed; het thuis kunnen zorgen voor kinderen die tot het gezin behoren; zich verplaatsen in, om en nabij de woning voor zover het geen rolstoel betreft; zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel; de mogelijkheid om contacten te hebben met medemensen en deel te nemen aan recreatieve, maatschappelijke of religieuze activiteiten. Het college legt in het Besluit de omvang van deze eigen bijdrage vast met inachtneming van het landelijke Besluit. Voor het collectief vervoer geldt een tarief dat gelijk is aan het openbaar vervoer zonder reductie. Het college legt de hoogte van het tarief in het Besluit vast. Hoofdstuk 7. Procedurele bepalingen rond onderzoek, advies en besluitvorming,herziening, intrekking en terugvordering Artikel 23 Beperkingen 1. Een voorziening wordt slechts toegekend voor zover: a. De noodzaak voor het te bereiken resultaat langdurig is, tenzij het kortdurendehulp bij het huishouden betreft. b. De te verstrekken voorziening als de goedkoopst-compenserende voorziening aante merken is. 2. Geen voorziening wordt toegekend: a. Indien de voorziening algemeen gebruikelijk is. b. Indien de belanghebbende niet woonachtig is in de gemeente Tytsjerksteradiel. c. Voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbendevoorafgaand aan het moment van aanvragen of het moment van beschikken heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of deze voorziening noodzakelijk was en als goedkoopst-compenserend aan te merken valt. d.Voor zover een voorziening als die waarop de aanvraag betrekking heeft reedseerder in het kader van enige wettelijke bepaling of regeling is verstrekt en denormale afschrijvingstermijn van de voorziening nog niet verstreken is, tenzij de eerder vergoede of verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan belanghebbende zijn toe te rekenen, of tenzijbelanghebbende geheel of gedeeltelijk tegemoetkomt in de veroorzaakte kosten. Artikel 24 Advisering 1. Het college is bevoegd om, voor zover dit van belang kan zijn voor de beoordeling van het recht op de aangevraagde voorziening, degene door wie een aanvraag is ingediend of bij gebruikelijke zorg diens relevante huisgenoten: a. Op te roepen in persoon te verschijnen op een door het college te bepalen plaatsen tijdstip en hem te bevragen. b.Op een door het college te bepalen plaats en tijdstip door een of meer daartoeaangewezen deskundigen te doen bevragen en/of onderzoeken. 2. Het college vraagt een door hem daartoe aangewezen adviesinstantie om advies indien: a. Het handelt om een aanvraag van een persoon die niet eerder een aanvraagindiende voor een voorziening in het kader van deze verordening. b.Het handelt om een aanvraag van een persoon die wel eerder een aanvraag vooreen voorziening in het kader van deze verordening indiende, maar waarvan de omstandigheden zodanig zijn veranderd dat die gewijzigde omstandigheden denoodzaak van een voorziening of de soort van voorziening kunnen beïnvloeden. c. de gevraagde voorziening om medische redenen wordt afgewezen. d. Het college dat overigens gewenst vindt. 2. Van het bepaalde in lid 2 onder a en b kan door het college worden afgeweken in gevallen, die zijn opgenomen in de Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Tytsjerksteradiel 2013. Artikel 25 Inlichtingenverplichting 1. Belanghebbende is verplicht aan het college of de door hem aangewezen adviesinstantie die gegevens te verschaffen of te doen verschaffen die noodzakelijk zijn voor de beoordeling van de aanvraag. 2. Degene aan wie krachtens deze verordening een voorziening is verstrekt, is verplicht zo spoedig mogelijk en schriftelijk aan het college mededeling te doen van feiten en omstandigheden, waarvan redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze van invloed kunnen zijn op het recht op een voorziening. Artikel 26 Beëindiging Een voorziening, behoudens een voorziening die in eigendom is verstrekt, wordt beëindigd indien niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden gesteld bij of krachtens deze verordening. Artikel 27 Herziening en intrekking 1. Het college kan een besluit, genomen op grond van deze verordening, herzien of intrekken indien: a. In een periode gelegen in het verleden niet is voldaan aan de voorwaarden gesteld bij of krachtens deze verordening. b.Beschikt is op grond van gegevens waarvan gebleken is dat die gegevens zodanigonjuist waren dat, waren de juiste gegevens bekend geweest, een andere beslissing zou zijn genomen. 2.Een besluit tot verlening van een persoonsgebonden budget kan worden herzien of ingetrokken indien blijkt dat het budget binnen de in het Controleplan maatschappelijke ondersteuning 2013 vastgestelde periode na uitbetaling niet of niet volledig is aangewend voor de bekostiging van het resultaat waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden. Artikel 28 Terugvordering en inname 1. Indien de voorziening die in gebruik is gegeven is beëindigd op grond van artikel 26 kan het college deze voorziening innemen. 2. Indien het persoonsgebonden budget met een periodiek karakter is beëindigd op grond van artikel 26 vindt geen terugvordering plaats. 3. Indien het recht op een voorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget is herzien of ingetrokken op grond van artikel 27 lid 1 kan op basis daarvan een reeds uitbetaald persoonsgebonden budget naar rato worden teruggevorderd. 4. Ingeval het recht op een in eigendom verstrekte voorziening is ingetrokken op grond van artikel 27 lid 1 sub b kan deze voorziening worden teruggevorderd. 5. Ingeval het recht op een in gebruik gegeven voorziening is ingetrokken op grond van artikel 27 lid 1 onder a of b kan deze voorziening worden ingenomen. Hoofdstuk 8. Slotbepalingen Artikel 29 Overgangsrecht 1. Belanghebbende die een vervoerskostenvergoeding ontvangt op grond van artikel 24 onder c van de Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Tytsjerksteradiel 2008 behoudt dit recht nog zes maanden na verzenddatum van het aan belanghebbende gerichte besluit betreffende de afschaffing van de vervoerskostenvergoeding en eventuele daarvoor in plaats komende voorziening(en). 2. Voor belanghebbenden die een voorziening ontvangen op grond van de Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Tytsjerksteradiel 2008, niet zijnde een voorziening die in eigendom is verstrekt of een voorziening op grond van artikel 9, 11, 12 of 13 is de eigen bijdrage zoals omschreven in artikel 22 van toepassing per 1 januari 2013. 3. Voor belanghebbenden die een voorziening ontvangen op grond van de Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Tytsjerksteradiel 2008 die in eigendom is verstrekt, is de eigen bijdrage zoals omschreven in artikel 21 niet van toepassing. 4. Voor belanghebbende die voor 1 januari 2013 reeds een niet ineens aan te schaffen voorziening ontving op grond van artikel 15 is de eigen bijdrage zoals omschreven in artikel 22 van toepassing per 1 juli 2013. Artikel 30 Hardheidsclausule Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de belanghebbende afwijken van de bepalingen van deze verordening indien toepassing van de verordening tot onbillijkheden van overwegende aard leidt. Artikel 31 Indexering Het college kan jaarlijks per 1 januari de in het kader van deze verordening en het op deze verordening berustende Besluit geldende bedragen verhogen of verlagen aan de hand van de consumentenprijsindex alle huishoudens van het Centraal Bureau voor de Statistiek ofwel conform vastgestelde referentiebedragen en contractbepalingen. Artikel 32 Evaluatie Het door het gemeentebestuur gevoerde beleid wordt eenmaal per vier jaar geëvalueerd. Indien de evaluatie daartoe aanleiding geeft wordt het beleid vervolgens aangepast. Het college zendt hiertoe telkens vier jaar na de inwerkingtreding van de verordening aan de gemeenteraad een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van de verordening in de praktijk. Artikel 33 Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2013. De Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning Tytsjerksteradiel 2012 vervalt ingaande 1 januari 2013. Artikel 34 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening maatschappelijke ondersteuning Tytsjerksteradiel . Toelichting Verordening maatschappelijke ondersteuning 2013

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel