Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet
nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk
en bijstand (WWB), de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en de
Gemeentewet.
In deze verordening wordt verstaan onder:
de wet: de WWB.
het college: het college van burgemeester
en wethouders van Goes.
de raad: de gemeenteraad van Goes.
de peildatum: 1 januari van enig
jaar waarin het recht op langdurigheidstoeslag
ontstaat.
referteperiode: 3 volle
kalenderjaren voorafgaand aan de peildatum
inkomen: het inkomen als bedoeld in
artikel 32 WWB. In afwijking hiervan wordt een
bijstandsuitkering voor de beoordeling van het recht op
langdurigheidstoeslag gezien als inkomen.
bijstandsnorm: de norm bedoeld in artikel
5, onderdeel c. van de wet.
vermogen: het vermogen als bedoeld in
artikel 34 van de WWB.
rechthebbend: een alleenstaande,
alleenstaande ouder of gehuwde met recht op
langdurigheidstoeslag.
niet-rechthebbend: een alleenstaande,
alleenstaande ouder of gehuwde die op grond van de artikelen
11 of 13 lid 1 WWB is uitgesloten van het recht op
langdurigheidstoeslag.