**1..** Het college verstrekt aan degene die algemene bijstand ontvangt en onbeloonde additionele werkzaamheden verricht conform artikel 10a, zesde lid van de WWB een premie.
**2..** Het college beoordeelt het recht op een premie als bedoeld in het eerste lid elke zes maanden.
**3..** Het college stelt ten aanzien van de verstrekking van de premie zoals genoemd in het eerste lid nadere regels vast met betrekking tot:
de aanvraag van de premie en de besluitvorming daarover;
de voorwaarden waaronder een premie wordt verstrekt;
de hoogte van de premie
de weigeringgronden voor een premie;
de verplichtingen voor de premieontvanger;
**4..** Bij het vaststellen van de hoogte van de premie houdt het college rekening met mogelijke armoedevaleffecten.
**5..** Voor zover de belanghebbende die additionele arbeid verricht niet beschikt over een startkwalificatie wordt zes maanden na aanvang van de onbeloonde additionele werkzaamheden door het college bekeken in hoeverre scholing of opleiding kan bijdragen aan vergroting van de kans op inschakeling in het arbeidsproces. Bij deze beoordeling betrekt het college de scholingswens van de belanghebbende.