1. Een grondroerder die werkzaamheden wil verrichten, vraagt daarvoor
een instemmingsbesluit, als bedoeld in artikel 4, aan bij het
college.
2. Een grondroerder die werkzaamheden wil verrichten kan hierover
vooroverleg voeren met het college om de aanvraag, als bedoeld in het
eerste lid, voor te bereiden.
3. Als de werkzaamheden ook betrekking hebben op gronden van een andere
gedoogplichtige dan de gemeente gemeente Oost Gelre, wordt uiterlijk
vier weken na ontvangst van de aanvraag, als genoemd in het eerste lid,
het college schriftelijk in kennis gesteld van de uitkomsten van het
(voor)overleg tussen de grondroerder en de overige gedoogplichtige(n).
Het bovenstaande geldt niet voor zover artikel 5.5 van de
Telecommunicatiewet van toepassing is.
4. In geval van spoedeisende werkzaamheden, als bedoeld in onderdeel l
van artikel 1, volstaat een melding bij voorkeur voorafgaand aan de
start van de werkzaamheden via het meldsysteem als bedoeld onderdeel u
van artikel 1. Als een melding vooraf niet mogelijk is, moet de melding
uiterlijk binnen één werkdag na de uitvoering gemotiveerd worden gedaan
aan het college, eveneens via het meldsysteem als bedoeld onderdeel u
van artikel 1.
5. Als werkzaamheden worden verricht in de gebieden die staan
aangegeven op een bij deze verordening behorende en als zodanig
gewaarmerkte kaart is de uitzonderingsbepaling voor spoedeisende
werkzaamheden, als bedoeld in het vierde lid, niet van toepassing.
Hoofdstuk 2
Artikel 5
Aanvragen en melden
Onderdeel van Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren (AVOI )