De burgemeester trekt de vergunning in, indien:
niet langer wordt voldaan aan de in artikel 8 en 9 gestelde eisen;
gedurende een jaar anders dan wegens overmacht geen handelingen zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning;
zich in de betrokken B-inrichting feiten hebben voorgedaan, die de vrees wettigen dat het van kracht blijven van de vergunning gevaar zou opleveren voor de openbare orde,volksgezondheid, veiligheid of zedelijkheid.