De raad verleent mandaat aan de griffier voor het uitoefenen van alle bevoegdheden als bevoegd gezag ten aanzien van de griffiemedewerkers, met uitzondering van ontslag als disciplinaire maatregel (art. 8:13 CAR). Hieronder vallen in ieder geval:
het benoemen, schorsen en ontslaan van het griffiepersoneel, als bedoeld in artikel 107e, lid 2 van de Gemeentewet;
de overige besluiten betreffende de individuele rechtspositie van het griffiepersoneel;
het voeren van waarderingsgesprekken met de medewerkers van de griffie;
het vaststellen en wijzigen van de arbeidsvoorwaarden voor het griffiepersoneel;
Artikel 10
Mandatering aan de griffier
Onderdeel van Verordening organisatie en werkgeverschap griffie