Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Erfgoedverordening Sittard-Geleen 2012

1. Deze verordening verstaat onder: monument een zaak die van algemeen belang is wegens haar schoonheid, betekenis voor de wetenschap, archeologische, bouwhistorische, natuurhistorische, historisch landschappelijke of cultuurhistorische waarde. een terrein of gebied dat van algemeen belang is wegens één of meerdere daar aanwezige of verwachte zaken als bedoeld onder 1; beschermd rijksmonument beschermd monument als bedoeld in artikel 1 onder d van de Monumentenwet 1988, met uitzondering van een beschermd archeologisch monument als bedoeld in artikel 1 onder c van die wet en als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wabo; gemeentelijk monument onroerend monument, als bedoeld in het eerste lid onder a1, dat in overeenstemming met de bepalingen in hoofdstuk 2, artikel 4, lid 1 van deze verordening als zodanig is aangewezen en als bedoeld in artikel 2.2 eerste lid sub b van de Wabo; gemeentelijk stads- of dorpsgezicht monument als bedoeld in het eerste lid onder a2, waarbij sprake is van een groep van zaken en/of terreinen die van algemeen belang zijn wegens schoonheid, onderlinge ruimtelijke en/of structurele samenhang, dan wel wetenschappelijke of cultuurhistorische waarde en dat in overeenstemming met de bepalingen in hoofdstuk 2, artikel 4, lid 1 van deze verordening als zodanig is aangewezen en als bedoeld in artikel 2.2 eerste lid sub b van de Wabo; kaart met stads- of dorpsgezichten kaart, die onderdeel uitmaakt van de gemeentelijke erfgoedlijst, waarop de in overeenstemming met deze verordening aangewezen stadsgezichten zijn aangegeven; gemeentelijk groen- of landschapsmonument monument als bedoeld in het eerste lid onder a, dat in overeenstemming met de bepalingen in hoofdstuk 2, artikel 4, lid 1 van deze verordening als zodanig is aangewezen en als bedoeld in artikel 2.2 eerste lid sub b van de Wabo; kaart met groen- of landschapsmonumenten kaart, die onderdeel uitmaakt van de gemeentelijke erfgoedlijst, waarop de in overeenstemming met deze verordening aangewezen groen- of landschapsmonumenten zijn aangegeven die meerdere kadastrale percelen of grotere gebieden omvatten; gemeentelijk archeologisch monument: monument als bedoeld in het eerste lid onder a, dat in overeenstemming met de bepalingen in hoofdstuk 2, artikel 4, lid 1 van deze verordening als zodanig is aangewezen en als bedoeld in artikel 2.2 eerste lid sub b van de Wabo; gemeentelijk erfgoed de op grond van deze verordening beschermde gemeentelijke monumenten, gemeentelijke stads of dorpsgezichten, gemeentelijke archeologische monumenten, gemeentelijke groen- of landschapsmonumenten; gemeentelijke erfgoedlijst de lijst waarop de in overeenstemming met deze verordening als: gemeentelijk monument, gemeentelijk stads of dorpsgezicht, gemeentelijke archeologische monumenten, gemeentelijk groen- of landschapsmonument, aangewezen zaken, terreinen en gebieden zijn geregistreerd; kerkelijk monument onroerend monument dat eigendom is van een kerkgenootschap, kerkelijke gemeente, parochie of een kerkelijke instelling en dat uitsluitend of voor een overwegend deel wordt gebruikt voor de uitoefening van de eredienst; Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit (ARK), respectievelijk tot het moment van instellen van de ARK de Monumentencommissie de op basis van artikel 15 van de Monumentenwet 1988 ingestelde commissie op het gebied van de monumentenzorg die in elk geval tot taak heeft te adviseren over aanvragen om een omgevingsvergunning voor een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel f van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Onderzoek: cultuurhistorische rapportage als bedoeld in hoofdstuk 5 van de Mor en een onafhankelijk en deskundig onderzoek naar: de architectonische, bouwhistorische, interieurhistorische, kleurhistorische, tuinhistorische, wetenschappelijke en/of cultuurhistorische waarde van een (rijks)beschermd monument of een gemeentelijk monument; of de esthetische kwaliteiten, de ruimtelijk (bouw)historische en kleurhistorische kenmerken evenals de wetenschappelijke en cultuurhistorische waarde van een gemeentelijk stads- of dorpsgezicht; of de esthetische kwaliteiten, de tuinhistorische, natuurhistorische of landschappelijke waarden evenals de wetenschappelijke en cultuurhistorische waarde van een gemeentelijk groen- en landschapsmonument; de aanwezigheid van beschermde natuurhistorische waarden; of de archeologische relicten in de bodem. cultureel erfgoed wat door vorige generaties is gebouwd of gemaakt, thans nog bestaat en tegenwoordig monumentale of cultuurhistorische waarde heeft; bevoegd gezag bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1.1 van de Wabo; het college het college van burgemeester en wethouders; vergunning een omgevingsvergunning als bedoeld in als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, of 2.2 van de Wabo; Wabo Wet algemene bepalingen omgevingsrecht; Bor Besluit omgevingsrecht, houdende regels ter uitvoering van de Wabo; Mor Ministeriele regeling omgevingsrecht; Regeling van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, houdende nadere regels ter uitvoering van de Wabo en van het Bor; de minister de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap; archeologisch bodemarchief alle informatie die in de bodem ligt opgeslagen en daarin terecht is gekomen door activiteiten van mensen en door natuurlijke processen; gemeentelijke archeologiebeleid het door de gemeenteraad vastgestelde beleid ten aanzien van het archeologische bodemarchief; plan van aanpak concreet plan dat weergeeft hoe de archeologische uitvoerder het onderzoek gaat uitvoeren en dat voldoet aan het programma van eisen, indien aanwezig. Het bevat een beredeneerde keuze van de toe te passen methodiek; programma van eisen programma dat door het college wordt vastgesteld en waarmee kaders worden gesteld voor het ontwerp en de uitvoering van archeologisch onderzoek

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel