**1..** Indien en voor zover blijkt dat een belanghebbende schade lijdt of zal lijden, die redelijkerwijze niet of niet geheel te zijnen laste behoort te blijven, kent het bevoegd gezag hem op zijn aanvraag een naar billijkheid te bepalen tegemoetkoming toe, indien de schade in relatie staat tot:
de weigering van het bevoegd gezag een vergunning als bedoeld in de artikelen 9,10,11 of 12 te verlenen;
de voorschriften door het bevoegd gezag verbonden aan een vergunning als bedoeld in de artikelen 9,10,11 of 12;
de door het college gestelde regels als bedoeld in de artikel 13 en 19, tweede lid;
een aanwijzing als bedoeld in artikel 19, derde lid, tweede volzin.
**2.** Op de behandeling van de aanvragen om schadevergoeding zijn de bepalingen van de verordening ter regeling van de procedure bij toepassing van hoofdstuk 6, afdeling 6, van de Wet ruimtelijke ordening van overeenkomstige toepassing.
**3.** Indien de kosten van de in lid 2 genoemde procedure, naar oordeel van het bevoegde gezag, niet in verhouding staan tot de te verwachte schade, kan het bevoegd gezag besluiten om de toepassing van lid 2 achterwege te laten.
Hoofdstuk 6
Artikel 20
Tegemoetkoming in schade
Onderdeel van Erfgoedverordening Sittard-Geleen 2012