Naar hoofdinhoud
De adviescommissie ruimtelijke kwaliteit bestaat uit vijf leden en daarnaast een onafhankelijk voorzitter De onderstaande disciplines dienen in de commissie vertegenwoordigd te zijn > architectuur; stedenbouw; landschapsarchitectuur; architectuurhistorie; restauratietechniek en bouwhistorie; cultuurhistorie, in het bijzonder monumentenzorg. Eén van de vijf leden dient geschoold te zijn middels een bouwkundige of architectonische opleiding, op HBO – en/of Academisch of WO –niveau of met bewezen dienovereenkomstig niveau in het eigen vakgebied met daarnaast en bij voorkeur ervaring in of affiniteit met een ander voor de commissie relevant vakgebied. Eén van de vijf leden dient geschoold te zijn middels een bouwkundige of architectonische opleiding , op HBO – en/of Academisch of WO –niveau of met bewezen dienovereenkomstig niveau in het eigen vakgebied met een beroepsspecialisatie in restauratie techniek, specifiek gericht op monumentenzorg en daarnaast en bij voorkeur ervaring in of affiniteit met een ander voor de commissie relevant vakgebied. Eén van de vijf leden dient geschoold te zijn middels een opleiding stedenbouw, op HBO – en/of Academisch of WO –niveau of met bewezen dienovereenkomstig niveau in het eigen vakgebied met daarnaast en bij voorkeur ervaring in of affiniteit met een ander voor de commissie relevant vakgebied. Eén van de vijf leden dient geschoold te zijn middels een opleiding landschapsarchitectuur, op HBO – en/of Academisch of WO –niveau of met bewezen dienovereenkomstig niveau in het eigen vakgebied met daarnaast en bij voorkeur ervaring in of affiniteit met een ander voor de commissie relevant vakgebied. De vier voornoemde leden dienen geregistreerd te staan in het register, gelieerd aan hun beroepsgroep of vakgebied, voor zover bestaand en van toepassing. Minstens één van de vier voornoemde leden dient over aantoonbare deskundigheid te beschikken op het gebied van (cultuur)historie, specifiek op het gebied van bouw – en architectuurhistorie van de lokale en regionale geschiedenis en situatie. Eén van de vijf leden dient middels een opleiding op HBO - en/of Academisch of WO - niveau, (cultuur)historisch geschoold te zijn en over aantoonbare deskundigheid te beschikken, specifiek op het gebied van en de lokale en regionale geschiedenis en situatie. Bij voorkeur is dit lid op enigerlei wijze verbonden met een of meerdere lokale of regionale cultuurhistorische vereniging(en). In bijzondere gevallen kan de commissie een beroep doen op adhoc-leden. Adhoc- leden worden ingeschakeld bij structurele afwezigheid van een van de leden en bij onderwerpen waarbij specifieke deskundigheid, die in de commissie ontbreekt, gewenst is. De Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit wordt in haar taak bijgestaan door een ambtelijk secretaris. De ambtelijk secretaris ondersteunt de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit, maar is geen lid van de commissie.

Rechtspraak bij dit artikel