**1..** De vergunninghouder neemt de standplaats die hem is toegewezen persoonlijk in. Hij mag de standplaats niet aan een ander afstaan of in gebruik geven. Onder persoonlijke aanwezigheid wordt verstaan de aanwezigheid door de vergunninghouder gedurende een substantieel deel van de dag. Redenen voor kortstondige afwezigheid kunnen bijvoorbeeld zijn veilingbezoek, inkoop, bezoek aan vergaderingen of andere bedrijfs- en sociale verplichtingen. Daarnaast gelden de uitzonderingen genoemd in artikel 3.3.
**2..** De vergunninghouder mag zich op de standplaats laten bijstaan.
**3..** De standwerker die een standwerkersplaats krijgt toegewezen moet deze plaats persoonlijk innemen. Passen, onderling ruilen, delen van de plaats en/of samenwerken dan wel doorgeven van deze plaats is niet toegestaan.
**4..** Het is niet toegestaan dat op de standwerkersplaats een andere standwerker actief is dan hij die is ingeloot, waaronder mede wordt verstaan dat de ingelote standwerker zich niet door een ander mag laten vervangen of aflossen. Een standwerker mag zich laten bijstaan door één persoon, echter, bij (tijdelijke) afwezigheid van de ingelote standwerker dienen de goederen te worden afgedekt.
**5..** De vergunninghouder en de ingelote standwerker is verplicht om gedurende de in artikel 1.2 genoemde tijden op de stand(werkers)plaats aanwezig te zijn, met inachtneming van een redelijke pauze waarin in het geval van de standwerker de goederen afgedekt dienen te worden.
**6..** Een nieuwe vergunninghouder van een vaste plaats dient de hem/haar vergunde plaats binnen een periode van drie maanden na dagtekening van de vergunning ook daadwerkelijk in te nemen. Indien een vergunde vaste plaats niet binnen deze periode wordt ingenomen vervalt de vergunning.
**7..** In tegenstelling tot de vergunninghouder van een standplaats moet de standwerker zijn of haar goederen bedekken indien hij/zij tijdelijk afwezig is. Een standwerker mag zich laten bijstaan, maar alleen de ingelote standwerker zelf mag daadwerkelijk standwerken. Dit om ongewenst samenwerken van standwerkers te voorkomen en om het maximum van één standwerker per standwerkersplaats te waarborgen.
HOOFDSTUK 3
Artikel 3.1
Persoonlijk innemen standplaats en standwerkplaats
Onderdeel van Marktreglement Haarlem 2008