De artikel 19, tweede lid, en 28, derde lid, zoals die artikelen
ingevolge de zesde wijziging zijn komen te luiden, zijn niet van
toepassing ten aanzien van degene die:
wethouder was voor 13 juli 1988, voor zover betreffende tijd
is doorgebracht vóór dat tijdstip;
wethouder is op of na 13 juli 1988, voor zover betreffende
tijd zonder onderbreking is gevolgd op tijd als bedoeld
onder a, en vervolgens zonder onderbreking is voorgezet. Een
onderbreking van niet meer dan een jaar wordt voor de
toepassing van deze bepaling geacht geen onderbreking te
vormen.
AFDELING III › HOOFDSTUK II
Artikel 83
Overgangsbepaling ten aanzien van de artikelen 19 en 28 (artikelen 16a en 22 oud na vijfde wijziging) (overgangsbepaling bij zesde wijziging)
Onderdeel van Uitkerings- en pensioenverordening wethouders van Ommen