**1.** Bij in rijen opgestelde zitplaatsen moet tussen de rijen een vrije ruimte aanwezig zijn van ten minste 0,40 meter, gemeten tussen de loodlijnen door de elkaar dichtst naderende gedeelten van de rijen. Indien in een rij tussen zitplaatsen tafeltjes zijn geplaatst, moet de genoemde vrije ruimte ter plaatse van de tafeltjes doorlopen (artikel 7.13 Bouwbesluit).
**2.** In rijen opgestelde zitplaatsen, waarbij sprake is van;
meer dan 4 stoelen in een rij, en
meer dan 4 rijen, en
een ruimte waarin meer dan 100 stoelen aanwezig zullen zijn,zijn zo gekoppeld dan wel aan de vloer bevestigd dat deze ten gevolge van gedrang niet kunnen verschuiven of omvallen (artikel 7.13 Bouwbesluit). De stoelkoppeling moet ten genoegen van burgemeester en wethouders zijn uitgevoerd.
**3.** Een rij zitplaatsen, die slechts aan één einde op een gangpad of uitgang uitkomt, mag niet meer dan 8 zitplaatsen bevatten (artikel 7.13 Bouwbesluit).
**4.** Een rij zitplaatsen die aan beide einden op een gangpad of een uitgang uitkomt, mag ten hoogste bevatten:
16 zitplaatsen, indien de vrije ruimte tussen de rijen kleiner is dan 0,45 meter;
32 zitplaatsen, indien de vrije ruimte tussen de rijen groter is dan 0,45 meter;
50 zitplaatsen, indien de vrije ruimte tussen de rijen groter is dan 0,45 meter en er bovendien aan beide einden van de rijen per 4 rijen een uitgang met een breedte van ten minste 1,10 meter aanwezig is (artikel 7.13 Bouwbesluit).
**5.** De inrichting van een ruimte, met inbegrip van door personen bezette stoelen, neemt tot een hoogte van 2,5 meter slechts zodanige oppervlakten in beslag –gemeten in loodrechte projectie op de vloer- dat ten minste
0,25 m2 vloeroppervlakte beschikbaar blijft voor iedere persoon waarvoor geen zitplaats aanwezig is;
0,30 m2 vloeroppervlakte beschikbaar blijft voor iedere persoon waarvoor een zitplaats aanwezig is die zodanig is of is aangebracht dat deze ten gevolge van gedrang niet kan verschuiven of omvallen;
0,50 m2 vloeroppervlakte beschikbaar blijft voor iedere persoon waarvoor een zitplaats aanwezig is die niet zodanig is of is aangebracht dat deze ten gevolge van gedrang niet kan verschuiven of omvallen (artikel 7.13 Bouwbesluit).
**6.** Inrichtingen in een ruimte waarin personen verblijven, zijn, indien de vrije vloeroppervlakte minder dan 0,5 m2 per persoon bedraagt, zodanig aangebracht dat zij ten gevolge van gedrang niet kunnen verschuiven of omvallen (artikel 7.13 Bouwbesluit).
**7.** Een tribune heeft een bouwconstructie die bestand is tegen de daarop werkende krachten. Te controleren door de constructeur van de gemeente.
**8.** Er moet een door of vanwege het College goedgekeurd opstellingsplan aanwezig zijn.