Een verlaging wegens tekortschietend besef van
verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan zoals
bedoeld in artikel 18, lid 2 WWB, anders dan het niet behouden
van algemeen geaccepteerde arbeid als bedoeld in artikel 3, lid
4, sub b van deze verordening, wordt vastgesteld op 20% van de
bijstandsnorm gedurende de periode dat de belanghebbende zonder
algemene bijstand had gekund, met een minimumduur van één maand,
dan wel op 100% van het theoretisch te verstrekken bedrag aan
bijzondere bijstand.
Onder tekortschietend besef van verantwoordelijkheid wordt in
ieder geval gerekend:
het verwijtbaar verlies van inkomen anders dan het
verlies van betaald werk;
het te snel interen, dan wel buiten het zicht
overhevelen van vermogen;
het geen gebruik maken, dan wel het door eigen toedoen
geen gebruik kunnen maken van voorliggende
voorzieningen, waaronder sociale zekerheidsuitkeringen.
d.het niet indienen van een alimentatievordering, dan
wel het afzien van al vastgestelde alimentatie.
Hoofdstuk 3.
Artikel 5
Tekortschietend besef van verantwoordelijkheid
Onderdeel van Afstemmings- en fraudeverordening WWB en IOAW 2013 gemeente Tytsjerksteradiel