Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Criteria procedure vaststelling hogere waarde

Onderdeel van Beleidsregel vaststellen hogere waarde gemeente Leeuwarden 2014

Het college kan gebruik maken van zijn bevoegdheid als voldaan wordt aan één van de volgende criteria: A. de woningen buiten de bebouwde kom worden verspreid gesitueerd; B. de woningen zijn ter plaatse noodzakelijk om redenen van grond- of bedrijfsgebondenheid; C. de woningen vullen een open plaats tussen de aanwezige bebouwing op; D. de woningen worden gesitueerd ter vervanging van bestaande bebouwing; E. de woningen zijn in een dorps- of stadsvernieuwingsplan opgenomen; F. de woningen vervullen door de gekozen situering of bouwvorm een doelmatige akoestische afschermende functie voor andere woningen (in aantal tenminste de helft van het aantal woningen waaraan de afschermende functie wordt toegekend) of voor andere geluidsgevoelige gebouwen of geluidsgevoelige terreinen (gedefinieerd in artikel 1 van de herziene Wet geluidhinder); G. er sprake is van een nog niet geprojecteerde of te reconstrueren (spoor)weg, die een noodzakelijke verkeers- en vervoersfunctie zal vervullen; H. er sprake is van een nog niet geprojecteerde weg of te reconstrueren weg, die een zodanige verkeersverzamelfunctie zal vervullen, dat de aanleg van die weg zal leiden tot aanmerkelijk lagere geluidsbelastingen van woningen; I. het referentieniveau ter plaatse van de uitwendige scheidingsconstructie van de woningen waarvoor de hogere waarde is verzocht, hoger is dan of gelijk is aan het equivalente geluidsniveau vanwege het betrokken industrieterrein; J. de ligging van de geluidsbronnen op het betrokken industrieterrein zodanig is dat de geluidsbelasting, vanwege dit industrieterrein en vanwege andere geluidsbronnen, van tenminste één uitwendige scheidingsconstructie van elk van de woningen lager is dan of gelijk is aan 50 dB(A); K. de woningen worden gesitueerd in de omgeving van een spoorstation of spoorhalte.

Rechtspraak bij dit artikel