Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Beperkingen

Onderdeel van Re-integratieverordening SZ Opsterland 2012

Geen recht op ondersteuning bestaat indien sprake is van een voorliggende voorziening welke naar de mening van het college in voldoende mate bijdraagt aan de re-integratie van de belanghebbende. Er bestaat evenmin recht op ondersteuning indien een belanghebbende is uitgesloten op grond van artikel 7, vijfde lid van deze verordening. Er bestaat evenmin recht op ondersteuning indien er sprake is van de zoekperiode zoals vermeld in artikel 41, vierde lid van de WWB. De aanspraak op een voorziening als bedoeld in artikel 10, tweede lid kan door het college worden geweigerd indien naar het oordeel van het college een dergelijke voorziening voor de belanghebbende niet noodzakelijk is, of wanneer met het aanbieden van de voorziening het subsidieplafond als bedoeld in artikel 16 wordt overschreden. Het college zal van degene zoals bedoeld in artikel 1, tweede lid onder j en k een bijdrage in de kosten van het re-integratietraject of in de kosten van een voorziening verlangen indien het netto-inkomen van het gezin hoger is dan een door het college nader te bepalen percentage, gerelateerd aan het wettelijk minimumloon.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel