Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 6.

Artikel 25.

Verwijdering gedenktekens, versieringen, beplanting en afdekplaten

Onderdeel van Begraafplaatsverordening 2012

1.. Gedenktekens, versieringen en beplanting van graven en afdekplaten van urnennissen kunnen, na het verstrijken van de termijn waarvoor het recht op een particulier graf, een particulier urnengraf, een urnennis of een wandgraf is verleend, dan wel bij algemene graven na het verstrijken van een periode van tien jaar, vanwege het college worden verwijderd. 2.. Het voornemen tot verwijdering wordt gedurende ten minste zes maanden voorafgaande aan het tijdstip van verwijdering, op een op het betreffende graf, dan wel de betreffende urnennis te plaatsen bordje, door het college bekendgemaakt, tenzij het adres van de rechthebbende op een particulier graf, urnengraf, urnennis of wandgraf bij het college bekend is. In dat geval stelt het college hem uiterlijk zes maanden voor het genoemde tijdstip per brief van hun voornemen in kennis. 3.. Op grond van een daartoe door de vergunninghouder als bedoeld in artikel 22 lid 6, of diens rechtsopvolger, bij het college ingediend schriftelijk verzoek, blijft het gedenkteken, de versiering, of de afdekplaat, tot aan de datum van verwijdering tot zijn of haar beschikking. Het schriftelijk verzoek kan worden ingediend gedurende vijf maanden na de in het lid 2 van dit artikel bedoelde kennisgeving. 4.. Het gedenkteken, de versiering, of de afdekplaat, vervalt aan de gemeente indien niet tijdig een verzoek op grond van lid 3 van dit artikel is ingediend en/of de termijn waarbinnen dit verzoek had kunnen worden ingediend is verstreken. 5.. Degene op wiens naam de vergunning is gesteld of diens rechtsopvolger, is verplicht te gedogen dat de zich op het betreffende graf bevindende gedenkteken, versiering, beplanting of afdekplaat door of vanwege de gemeente tijdelijk wordt weggenomen of verplaatst, voorzover en voor zolang noodzakelijk, in verband met de begraving van lijken in de nabijheid of om andere dringende redenen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel